tien-vragen-en-misverstanden-over-pandrecht---Web-Mailing

Tien vragen en misverstanden over pandrecht

Insolventierecht

Tien vragen en misverstanden over pandrecht

Als curator heb ik veel te maken met het begrip pandrecht, want schuldeisers hebben vaak een pandrecht op een roerende zaak van een gefailleerde. Een pandrecht is namelijk een zekerheidsrecht voor terugbetaling van een geldvordering. Omdat er nogal wat misverstanden bestaan over het pandrecht, licht ik in dit artikel graag tien misverstanden toe.
Allereerst wil ik graag wat meer vertellen over het “vestigen van een pandrecht”. Het doel van het vestigen van een pandrecht is het hebben van zekerheid in het geval de schuldenaar niet direct betaalt. Degene die het geld uitleent, de schuldeiser, kan met medewerking van de eigenaar een pandrecht vestigen op roerende zaken zoals de inventaris, auto’s, maar ook op debiteurenvorderingen en aandelen. De schuldenaar wordt in deze situatie aangeduid met pandgever en de schuldeiser als pandhouder/pandnemer.

1. Pandrecht? Ik heb helemaal geen huis.

Een pandrecht heeft niets te maken met een pand, in de zin van een huis of bedrijfsruimte. Indien een zekerheidsrecht wordt gevestigd op een woning (onroerende zaak) dan spreken we van een hypotheekrecht.

2. Indien ik een pandrecht heb gevestigd op (bijvoorbeeld) een schilderij en de pandgever is niet in staat om mij terug te betalen, mag ik dan dat schilderij houden?

Nee! Het vestigen van een pandrecht is geen manier van het verkrijgen van eigendom. Een pandrecht is een verhaalsrecht wat betekent dat de pandhouder gerechtigd is het schilderij te laten veilen. De pandgever mag zich vervolgens verhalen (verhaalsrecht) op de opbrengst. Indien de opbrengst groter is dan de vordering van de pandhouder komt het surplus toe aan de pandgever.

3. Indien ik met de pandgever afspreek dat ik een pandrecht heb op zijn goederen, heb ik dan voldoende zekerheid voor de (terug)betaling van mijn vordering?

Nee, dat heeft u niet. Het vestigen van deze vorm van pandrecht dient te gebeuren door middel van het opmaken van een onderhandse pandakte die vervolgens bij de belastingdienst dient te worden geregistreerd of door het laten opmaken en passeren van een pandakte bij een notaris.

4. Indien ik als pandhouder in de pandakte heb opgenomen een pandrecht te vestigen op de vorderingen die de pandgever heeft op anderen, dan hoef ik niets meer te doen en blijft mijn zekerheidsrecht in stand.

Ook dat is onjuist. Indien er geen mededeling is gedaan van het pandrecht aan de debiteur(en) van de verpande vordering(en) (we noemen dit een ‘stil pandrecht’), zal de geldvordering op de debiteur(en) aan de pandgever worden betaald en gaat het pandrecht teniet. Om die reden adviseer ik u om het pandrecht ‘openbaar’ te maken. Dit betekent dat de debiteur(en) op de hoogte zijn gebracht van uw pandrecht op de verpande vordering(en). In dit geval mag ook alleen u de vorderingen innen en niet de pandgever.

Verder is van belang te weten dat een pandrecht op geldvorderingen alleen kan worden gevestigd op bestaande geldvorderingen (en geldvorderingen die voortvloeien uit dezelfde rechtsverhouding). Er wordt niet automatisch een pandrecht gevestigd op nieuwe geldvorderingen die eventueel ontstaan.

5. Ik heb een pandrecht op de vorderingen van de pandgever op zijn grootste klant waar hij al jaren zaken mee doet. Om die reden hoef ik niet steeds opnieuw een pandakte te laten registreren. Immers de vorderingen van pandgever op zijn klant vloeien voort uit dezelfde rechtsverhouding.

Nee. Het enkele feit dat een vordering ontstaat op een bestaande klant maakt niet dat de vordering (daardoor) voortvloeit uit dezelfde rechtsverhouding. Indien iemand steeds bij dezelfde bakker een brood koopt, komt er telkens opnieuw een overeenkomst van (ver)koop tot stand en is dat telkens een nieuwe rechtsverhouding. De vorderingen die uit die overeenkomsten ontstaan, vloeien daarom niet voort uit een reeds bestaande rechtsverhouding.

6. Ik heb wel een pandakte geregistreerd maar geen pandlijsten in mijn bezit. Ik kan daarom niets met mijn pandrecht op debiteuren.

Onjuist. Het hebben van een pandlijst (een lijst waarop naw-gegevens van de debiteur staan weergegeven met eventueel de hoogte van de vorderingen) maakt het eenvoudiger om mededeling te doen aan de debiteur dat er een pandrecht is gevestigd. Het is echter geen voorwaarde om een pandrecht te vestigen. De pandgever is verplicht medewerking te verlenen om het pandrecht ook daadwerkelijk te kunnen uitoefenen en kan ook eventueel in een later stadium de naw-gegevens van de debiteuren aan de pandhouder verstrekken.

7. Ik heb een pandrecht gevestigd op de inventaris van de pandgever, waarbij ik niet steeds opnieuw de pandakte heb laten registreren. De pandgever heeft verschillende nieuwe goederen aangeschaft ter vervanging van bestaande inventaris. Heb ik nu wel een pandrecht op de inventaris?

Om discussie te voorkomen is het goed om op zowel de huidige als toekomstige inventaris een pandrecht te vestigen. Het is, anders dan een pandrecht op vorderingen, niet noodzakelijk om de pandakte telkens opnieuw te laten registreren.

8. Moet ik voor het uitoefenen van het pandrecht nog naar de rechter?

Nee, het pandrecht verleent u het zogenoemde ‘recht van parate executie’. Indien uw pandgever in verzuim is, kunt u direct tot executie van het verpande goed overgaan. Bij geldvorderingen kan dat door de vorderingen te incasseren en de opbrengst te verrekenen met uw vordering. Zoals ook bij punt 4 vermeld: ingeval van een stil pandrecht mag de pandgever de geldvorderingen op zijn debiteuren zelf innen. Bij een openbaar pandrecht bent u als pandhouder daartoe bevoegd. U kunt overigens te allen tijde een stil pandrecht omzetten in een openbaar pandrecht.  Als u daar meer over wilt, weten, dan adviseer ik u graag.

“Pandrecht is een ijzersterk recht dat ook in een faillissementssituatie zijn waarde heeft.”

9. Een pandrecht in een faillissement, daar heb je niets aan.

Onzin. Een pandhouder hoeft zich in beginsel niets aan te trekken van een faillissement. De pandhouder is de zogenoemde separatist en kan zich separaat, dus los van het faillissement, op de verpande goederen verhalen. Daarmee is het pandrecht een sterk recht dat ook in faillissementssituaties zijn waarde heeft

10. Het vestigen van een pandrecht is duur.

Dat valt erg mee. Indien u beschikt over een pandakte hoeft u feitelijk alleen nog een postzegel te kopen en de pandakte op te sturen naar de belastingdienst om de pandakte daar te laten registreren. Het is wel aan te bevelen een goede pandakte op te maken en advies in te winnen over de gewenste zekerheid die u denkt te verkrijgen.

Mocht u nog meer vragen hebben over pandrechten, een pandrecht willen omzetten van stil naar openbaar? Of wilt u een pandakte opstellen? Laat u dan goed adviseren zodat bij uitwinning geen discussie ontstaat over het pandrecht. Ik  help u graag!

Bas Jacobs

Geschreven door

Bas Jacobs

advocaat
ondernemingsrecht, insolventierecht

basjacobs